Vlinders

Vlinders zijn insecten. Ze hebben zes poten en twee paar vleugels.
Het lichaam is verdeeld in drie stukken:

  • een kop met voelsprieten en roltong
  • een borststuk met de vleugels
  • en een achterlijf

 

Vlinders eten nectar. Ze zuigen dit met hun roltong uit bloemen.
Vlinders kunnen goed kleuren zien en heel goed ruiken.

Vlinders maken 4 stadia door. Dit noem je levenscyclus:

  • ei
  • rups
  • pop
  • vlinder

Voorbeeld van Koninginnepage

Vlinders leven van nectar. Planten met veel nectar worden nectarplanten genoemd.

Vlinders leggen hun eitjes op planten die later door de rupsen worden gegeten. Deze planten worden waardplanten genoemd. Rupsen lusten vaak maar één plantensoort.

Als je vlinders naar de tuin wilt lokken, zorg dan voor:

  • Nectarbloemen in de zon
  • Waardplanten in de schaduw
  • Warme plekken, zonder wind
  • Een vijvertje
  • Een rommelhoekje om te overwinteren

Kleine Vos

Rups: begin mei-eind september.
Eitjes op jonge brandnetels die groeien op droge, open, zonnige plaatsen.

Grote brandnetel

Habitat:
Allerlei plaatsen waar voldoende nectar te vinden is, zoals tuinen, parken, bosranden, ruigten, dijken en bermen.


Citroenvlinder

https://www.natuurfotografie.nl/de-geboorte-van-een-citroenvlinder/

Deze citroengele vlinder heeft aan de voorvleugel een puntige vleugelpunt; aan de achtervleugel bevindt zich halverwege de achterrand een duidelijk puntje.
Het vrouwtje is bleekgeel of soms bijna wit.
De onderkant van de vleugels is groenachtig van kleur.

Vliegtijd en gedrag
Eind juni-begin oktober en na de overwintering van begin februari-begin juni in twee generaties.

De eerste vlinders verschijnen in juli

Waardplanten
Sporkehout (vuilboom) en wegedoorn; vooral jonge struiken op open zonnige plaatsen.

Nectarplanten waar ze vaak op worden aangetroffen zijn koninginnenkruid, vlinderstruik en grote kattenstaart.

Overwinteringplaats in dichte vegetaties, bijvoorbeeld in hulst, klimop of braam,


Dagpauwoog

 


Algemeen

Begin juni zie je weinig vlinders.

www.vlinderstichting.nl

Het aantal individuen zou kunnen toenemen als niet alleen in natuurgebieden maar ook in het stedelijk groen en in wegbermen meer open zonnige plaatsen komen waar kleinere brandnetels groeien.

Een ander aandachtspunt zijn de nectarplanten. In het voorjaar (tot en met mei) en de maanden juli tot en met september is een groot aanbod van nectarrijke bloemen in tuinen, parken en bermen belangrijk.